De Het Nationaal Park De Hoge Veluwe is een nationaal park in de Nederlandse provincie Gelderland. Het valt grotendeels onder de gemeente Ede. Het park is tegenwoordig circa 5.400 hectare groot en beslaat vijf procent van de Veluwe, het grootste laaglandnatuurterrein in noordwest-Europa. Op De Hoge Veluwe is ruimte ingeruimd voor cultuurhistorische elementen, voor architectuur en voor beeldende kunst. Zo maakt het wereldberoemde Kröller-Müller Museum deel uit van het Park. Een andere bijzonderheid is dat het Park vrijwel zonder overheidssubsidie geëxploiteerd wordt, zodat de verkoop van entreekaarten een belangrijke inkomstenbron vormt. Het park is in 1935 ontstaan en is het op één na oudste nationale park van Nederland, na Nationaal Park Veluwezoom van Natuurmonumenten, dat uit 1930 dateert. is een duingebied tussen Zandvoort (Noord-Holland) en de Langevelderslag in de gemeente Noordwijk (Zuid-Holland).

Ontstaan

Het natuurgebied is gelegen op de zandgronden van de Veluwe, dekzanden die ontstaan zijn uit een morene achtergelaten in de voorlaatste ijstijd. Het gebied is eeuwenlang in beheer geweest voor bosbouw en landbouw en omvatte enkele kleine nederzettingen. Door overexploitatie is het zand weer gaan stuiven, wat onder meer met bosaanplant is tegengegaan. Aan het begin van de 20e eeuw bestond het gebied uit zandverstuivingen, heide en verschillende typen bos met grove den, vliegden en verschillende loofbomen. Een van de bewaarde kleine nederzettingen is Oud Reemst.

Landschappen

Oorspronkelijke was het een bebost gebied, maar door menselijk toedoen (houtkap en begrazing) zijn heide en stuifzanden ontstaan. Later zijn weer bossen aangeplant, maar toen de stuifzanden dreigden te verdwijnen is midden in het park een gebied ontbost, De Pollen, om alle soorten natuur die ooit in dit gebied geweest zijn te behouden. Heide is vooral ten zuidne en oosten hiervan en bos vooral ten noorden, waar ook het bezoekerscentrum is.

In het oosten van het park ligt het Deelensche veld, een heideveld, met daarin een aantal vennen, waaronder het Deelensche Wasch en de Gietense Flessen. Deze vennen zijn ontstaan doordat zich op het zand een ondoordringbare laag heeft gevormd, waarin het regenwater niet wegzakt. De naam Deelense was wijst erop dat de schaapherders vroeger hun schapen in dit ven gingen wassen. In en rond het ven, dat dus alleen regenwater bevat, groeien in Nederland bijzondere planten, zoals veenpluiskleine moerasrus en veenmos.

Ten zuidwesten hiervan ligt het Deelensche zand, een uitgestrekte, deels met vliegdennen dichtgegroeide zandverstuiving, en ten westen daarvan, midden in het park, De Pollen.

Een ander groot heideveld is het Oud Reemster veld in het zuiden, dat naar het noorden overgaat in het uitgestrekte, met vliegdennen vrijwel dichtgegroeide Oud-Reemsterzand.

In het noordwesten is het schijnbaar vrijwel onbegroeide Otterlose zand, waar een standbeeld van generaal Christiaan de Wet is geplaatst.

 

Link Wikipedia

 

From Address:
or Map